Een stage-adres voor een leerling wordt niet zomaar uit de lucht gegrepen. Voordat de leerling 15 jaar wordt, is er een stagegeschiktheids onderzoek (assessment) afgenomen om te bepalen op welk terrein de voorkeur van de leerling ligt en wat de reële mogelijkheden zijn.
Een stage-adres voor een leerling wordt niet zomaar uit de lucht gegrepen. Voordat de leerling 15 jaar wordt, is er een stagegeschiktheids onderzoek (assessment) afgenomen om te bepalen op welk terrein de voorkeur van de leerling ligt en wat de reële mogelijkheden zijn.
Het assessment bestaat uit de volgende onderdelen.
Vervolgens bekijken de assessoren (degenen die het onderzoek hebben afgenomen) op grond van de onderzoeksgegevens of een leerling stagerijp is. Hiermee wordt aangegeven dat een leerling er aan toe is om stage te gaan lopen. De volgende zaken spelen hierbij een rol:
De assessoren bespreken de uitslag van het onderzoek met de groepsleerkrachten en bepalen aan de hand van de uitslagen op welk niveau(A,B,C,of D) en in welke richting een adres gezocht moet worden. De uitslag wordt besproken met de leerling en ouders worden hiervan op de hoogte gesteld.
De stagedocent doet een voorstel aan ouders/verzorg(st)ers en leerling. De stagedocent regelt de kennismaking met de stagebegeleider op het bedrijf/of instelling en maakt afspraken over bijvoorbeeld: begin- en eindtijden, pauzes, taken, speciale kleding. De stage-overeenkomst wordt opgemaakt en ondertekend door de ouders/ verzorg(st)ers, de leerling, het bedrijf/of instelling en de school.